Hoe vaker jij zegt ‘ik fix het wel’, hoe minder je team leert denken zonder jou.
Het klinkt sterk. Betrokken. Oplossingsgericht.
En toch hoor ik het opvallend vaak van leiders die de hele dag en nacht ‘aan’ staan.
Laatst zei een coachee tegen mij:
“Ik denk dat het sneller gaat als ik het zelf even doe.”
En op de korte termijn zal dat vaak kloppen.
Maar wat er daarna gebeurde, was interessanter.
• Zijn team ging minder zelf nadenken.
• Hij raakte geïrriteerd dat hij overal tussen zat.
• En zijn agenda liep voller, terwijl zijn strategische werk bleef liggen.
“Ik fix het wel” voelt efficiënt.
Maar vaak is het een manier om snel spanning weg te nemen.
Je voorkomt gedoe.
Je voorkomt vertraging.
Je voorkomt dat iets even ongemakkelijk voelt.
Alleen… je voorkomt óók groei èn ontwikkeling.
De leider die alles kan oplossen, wordt langzaam de duurste medewerker van het team.
En dat is de prijs waar weinig mensen het over hebben.
Helder leiderschap vraagt soms niet om sneller fixen.
Maar om even niets fixen.
Waar zeg jij nog “ik fix het wel”, terwijl je rol eigenlijk iets anders van je vraagt?